Tagarchief: Ondergrond

Wat zit er allemaal in de ondergrond waarop we bouwen?

Lees het gehele artikel

De vraag die iedere bouwer zou moeten stellen

“Als ik zeg dat planvorming van de bovengrond niet genoeg nadenkt over zaken in de ondergrond, dan klinkt dat misschien hard en veroordelend. De praktijk wijst echter uit dat de ontwikkelingen op maaiveld regelmatig voor ondergrondse verrassingen komen te staan. Dat kan zorgen voor oponthoud, schade, faalkosten en ergernis. Zonde, want dat hoeft allemaal niet.” Aan het woord is Johan de Leeuw, projectmanager bij SGS Nederland. We zitten met hem en projectleider Wilko van Kruisbergen aan tafel, om te praten over de meerwaarde van het verbinden van de ondergrond met de bovengrond. Een specialisme dat SGS Nederland tot in de puntjes beheerst.

Hier wordt duidelijk wat er in de grond zit, zelfs in een rustig buitengebied.

Het is druk in de ondergrond

“Regelmatig maken we mee dat bovengrondse activiteiten conflicteren met objecten die zich in de ondergrond bevinden”, zegt Wilko. “Denk bijvoorbeeld aan graafwerkzaamheden voor reconstructies, het planten van bomen, (kunst)objecten op een stadsplein, ondergrondse afvalcontainers et cetera. Grote of kleine zaken gepland vanuit de bovengrondse blik zonder rekening te houden met objecten in de ondergrond maar waarbij het risico op maakbaarheid vaak bij de aannemer ligt. Niet goed voorbereid? Dan ga je van alles aan kabels en leidingen tegenkomen.”

Volgens Johan is het druk in de ondergrond. “In de loop der jaren is Nederland behoorlijk vol komen te liggen met allerhande kabels en leidingen. Het is zo makkelijk om te vergeten dat het er ligt, we zien ze immers niet. Sommige kabels en leidingen zijn niet of niet goed op papier gekomen en oude netten zijn niet opgeruimd, extra handicaps. Kijken we naar onze oude steden, zoals Amsterdam en Utrecht, dan heb je door de kanalen sowieso maar een smal streepje grond waar je kabels en leidingen kwijt kunt. Het zit er vol. Wie daar aan de slag wil en door gebrek aan inzichten de ondergrondse belangen onderwaardeert, die komt van een koude kermis thuis.”

“We maken de ondergrond tot een integraal onderdeel van het project.”

Praktijk case: Dijkversterking Wolferen Sprok

Gelukkig zien we veranderingen waarbij risico’s evenwichtig verdeeld worden tussen opdrachtgevers en opdrachtnemers. Een mooie praktijk case wordt gevormd door het project ‘Dijkversterking Wolferen Sprok’ van Waterschap Rivierenland. Johan: “Samen met de Combinatie Betuwse Waard (Ploegam, Dura Vermeer en GMB) zijn we vanaf de tenderfase bij dit werk betrokken. Hier heeft men geen traditionele aanbesteding gehouden maar is gekozen voor het toepassen van een 2-fasen contract. In de planfase is de aannemer al betrokken en denkt mee met de planvorming. Het wil nog weleens gebeuren dat de planvormer in een eigen abstractie blijft hangen, waardoor de ondergrond niet genoeg of geen aandacht krijgt. Binnen dit project hebben wij gezorgd dat alle partijen naast de benodigde inzichten over de ondergrond, ook de impact en risico’s rondom kabels en leidingen in beeld kregen.”

Twee fasen contract: In de planfase is de aannemer al betrokken en denkt mee met de planvorming.

Wilko vult aan: “In een traditionele aanbesteding wordt het thema ‘kabels en leidingen’ vaak als risico en kostenpost bij de betreffende aannemer neergelegd. In dit geval echter hebben we samen, in een heel vroeg stadium de risico’s in kaart gebracht en nagedacht hoe deze risico’s te beheersen zijn. Het resultaat is dat in de uitvoeringsfase de risico’s van kabels en leidingen goed beheerst zijn en niet meer als toprisico benoemd worden. Onze collega David Deinum vervult als projectcoördinator hierin een belangrijke rol. Met SGS haal je letterlijk ‘de praktijk aan tafel’.” Johan: “We maken de ondergrond tot een integraal onderdeel van het project.”

Ook de omgeving beter inlichten

SGS heeft ook bijgedragen aan goede voorlichting naar de omgeving omtrent wat er tijdens de werkzaamheden gebeurt. “Ook dat zorgt voor verbinding en heeft geleid tot één gezamenlijke grondverwerving voor alle werkzaamheden”, concludeert Johan. “Door te werken met één duidelijk beeld aangaande kabel- en leidingwerkzaamheden en met kwaliteit te communiceren, houden we de verwachtingen over en weer realistisch.”

Veiligheidsanalyse van kabels en leidingen

Veilig wonen achter de dijk lijkt zo vanzelfsprekend. Wilko: ”Als inwoner van het Rivierengebied en evacué vanwege hoogwater in 1995, werk ik graag aan het belang van waterveiligheid. Voor een veilige dijk moet ook de veiligheidstoets op de aanwezige kabels en leidingen uitgevoerd  worden”. Het slechts op een norm toetsen met een paar berekeningen zegt niets over de staat van de kabels en leidingen en zorgt soms voor onnodige investeringen van maatschappelijke gelden. Met het HWBP -innovatieprogramma is de faalkansanalyse voor leidingen bij het project Wolferen-Sprok ontwikkeld. De kennis, ervaring en het uit kunnen voeren van non-destructief onderzoek door SGS kwam hierbij goed van pas.

Johan: “Er spelen verschillende belangen, die wij als SGS bij elkaar brengen. Waterschap Rivierenland wenst een betrouwbare dijk, de kabel- en leidingeigenaren willen ongestoorde levering en in het geval van Wolferen Sprok wilde de gemeente het woongebied uitbreiden. Daar is veel nieuw kabel- en leidingwerk voor nodig. Aangezien wij toch al kabels- en leidingen aan het verleggen waren, hebben we getracht alle partijen met een belang in de ondergrond te verbinden. Door de combinatie te maken, spaar je tijd, geld en hinder uit. Zo kan er dus initiatief vanuit de ondergrond komen gericht op de toekomst!”

De ruimte krijgen

Wilko complimenteert Waterschap Rivierenland: “Zij namen het initiatief voor deze contractvorm en daarmee kregen we alle ruimte om het zo aan te pakken, samen met Combinatie Betuwse Waard.” Tot besluit zegt Johan: “Er is, zoals bekend, overal personeelstekort. Liander koos mede daarom voor een pilot van design en construct met gedelegeerd opdrachtgeverschap aan Waterschap Rivierenland. Omdat SGS vaker voor netbeheerders werkt, konden wij ontwerptaken van Liander overnemen. Deze werkwijze is bijzonder en kon mede dankzij deze contractvorm.” 

Fugro onderzoekt piping onder dijken op getijdenzand

Correcte foto Piping onderzoek Hedwigepolder[1]
Lees het gehele artikel

Als het gaat om kleine hoeveelheden, is dat geen probleem. Maar een grotere waterstroom die zand meevoert, kan een dijk ernstig verzwakken. Bij de laatste toetsronde zijn veel dijken op basis van de huidige rekenregels afgekeurd, onder andere vanwege het risico op piping. Over dit faalmechanisme ontbreekt nog de nodige gedetailleerde praktische kennis, waardoor extra onderzoek nodig is.

Dijken op getijdenzand mogelijk sterker dan gedacht

Fugro, Deltares en Wetterskip Fryslân voerden in 2020 al een praktijkproef uit aan de Friese Waddenzeekust. Hieruit bleek dat zand, dat door de zee is aangevoerd, veel minder gevoelig lijkt te zijn voor piping dan zand dat door rivieren is afgezet. De huidige rekenregel waarmee dijken worden beoordeeld en ontworpen, is afgeleid voor rivierzand. Als getijdenzand sterker blijkt te zijn, hoeven minder dijken versterkt te worden of kunnen de versterkingen goedkoper worden uitgevoerd, met minder impact op omgeving en milieu.

In opdracht van waterschap Hollandse Delta zijn Fugro en Deltares nu een grote praktijkproef gestart in de Hedwigepolder in Zeeuws-Vlaanderen; hierbij voortbordurend op de resultaten van de proef in Friesland. Het Hedwige-project heeft tot doel de daadwerkelijke sterkte van getijdenzand tegen piping te bepalen. Vervolgens zal deze kennis worden vertaald en toepasbaar worden gemaakt voor beoordelings- en versterkingsprojecten van waterkeringen. De pipingproef Hedwigepolder maakt onderdeel uit van het internationale project Living Lab Hedwige-Prosperpolder. Initiatiefnemer Departement Mobiliteit en Openbare Werken/Waterbouwkundig Laboratorium faciliteert hier gezamenlijk met STOWA dijksterkteproeven en crisisoefeningen.

Subsidie van Hoogwaterbeschermingsprogramma

Omdat de Hedwigepolder aan de natuur wordt teruggeven, kan daar een uitgebreide praktijkproef plaatsvinden. Het Hoogwaterbeschermingsprogramma (HWBP) heeft hiervoor ruim 5 miljoen euro aan waterschap Hollandse Delta beschikbaar gesteld vanuit de Kennis- en Innovatieagenda. De eerste voorbereidingen zijn medio 2020 gestart. Fugro en Deltares hebben inmiddels op basis van bodemopbouw en eigenschappen van de ondergrond een testlocatie bepaald, waar zich een geschikte, natuurlijk afgezette getijdenzandlaag bevindt. De proef wordt in 2021 uitgevoerd en in 2022 moeten de resultaten beschikbaar zijn.

Innovatieve onderzoeksmethode

Fugro voert het geotechnisch en hydrologisch onderzoek uit op basis waarvan het proefontwerp wordt opgesteld, in nauwe samenwerking met de projectpartners. Een belangrijk aspect is de doorlatendheid van het getijdenzand. Dit wordt gemeten met de innovatieve AMPT®-sondeertechniek, die Fugro zelf heeft ontwikkeld.

Gert-Ruben van Goor, projectmanager bij Fugro: ‘AMPT staat voor anisotrope mini-pompproef, een efficiënte aanvulling op Hydraulic Profiling Tool of HPT-sonderingen. Voordeel van deze methode is dat de opbouw van de ondergrond veel gedetailleerder in beeld komt. De doorlatendheid kan zowel horizontaal als verticaal nauwkeuriger worden gemeten dan met andere, grootschalige technieken. Hierdoor worden niet alleen de verschillende lagen in de bodem in kaart gebracht, maar zelfs ook de variatie in doorlatendheid binnen afzonderlijke grondlagen. Hiermee stellen wij een zeer natuurgetrouw digitaal 3D-model van de ondergrond samen. Deltares gebruikt onze meetgegevens voor een 3D-grondwaterstromingsmodel, dat een nauwkeurig inzicht biedt in de waterstromen door het zandpakket. Dit geeft vervolgens betere resultaten bij de piping-risicoanalyse, op basis waarvan Fugro en Deltares hun adviezen naar aanleiding van deze proef zullen opstellen.’

Besparing van 100 miljoen euro

Een gemiddelde dijkversterking kost ongeveer 6 miljoen euro per kilometer. Als op basis van deze proef het risico op piping exacter kan worden bepaald, kan dat betekenen dat minder kilometers dijk versterkt hoeven te worden of dat dijken minder breed hoeven te worden uitgevoerd dan eerder gedacht.

Marco Boer, projectmanager bij waterschap Hollandse Delta: ‘De Hedwigepolder biedt ons een unieke kans om deze innovatieve praktijkproef in hechte samenwerking met vele partners uit te voeren. Als waterschap Hollandse Delta stimuleren en faciliteren we graag vernieuwende projecten. We hopen en verwachten dat dijken met getijdenzand in de ondergrond minder vaak versterkt hoeven te worden. Dat kan voor heel Nederland een besparing van naar schatting 100 miljoen euro opleveren en de impact op milieu en omgeving beperken.’

Flinke milieuvoordelen

Een bijkomend voordeel is dat er een flinke verlaging van de milieulasten kan worden bereikt doordat minder ruimte en minder materiaal nodig is voor de dijkversterking. Dit vertaalt zich onder andere in minder transportbewegingen en minder geluids- en trillingsoverlast bij locaties voor dijkversterking. Ook levert dit een flinke besparing op van CO2-uitstoot van vrachtwagens en grondverzetmaterieel. Kortom: minder impact ontstaat op de directe omgeving en het milieu.

Op elke weg past een asfaltmengsel

kws
Lees het gehele artikel

Geen weg, gebied of ondergrond is hetzelfde. En daarom hebben wij bij KWS verschillende asfaltmengsels ontwikkeld voor elke wens of ondergrond.

Zo is op locaties met wringend verkeer, spoor- en ribbelvorming samen met een weggeschoven deklaag een veelvoorkomend probleem. Op de openbare wegen levert dit bij regenval gevaarlijke situaties op in de vorm van aquaplanning.

Bij droog weer geeft het stuur- en comfortproblemen. Bij bedrijfsterreinen verstoren vervormingen door overbelasting de voertuigbewegingen wat soms zorgt voor schade aan de lading. Bij gemeentelijke- en polderwegen wordt bij warm weer de oppervlakbehandeling al snel losgereden waardoor het verdwijnt, vooral op locaties met wringend verkeer.

KonwéBase is dé oplossing voor de genoemde problemen. KonwéBase is een asfaltproduct met een hoge stijfheid en een goede weerstand tegen vervorming. Het is daarom de ultieme tussenlaag voor elk type deklaag. Bovendien is het product zeer geschikt als bovenste onderlaag en onder een oppervlakbehandeling.

Binnenstedelijke oplossingen

Ook binnenstedelijke gebieden hebben zo hun eigen wensen, zoals geluidsreductie. Hiervoor hebben wij bij KWS het speciale asfaltmengsel KonwéCity ontwikkeld. KonwéCity is een dunne geluid reducerende deklaag.

Metingen hebben uitgewezen dat geluidsreductie in de loop van tijd minder afneemt dan gebruikelijk bij semi-dichte en open deklagen.

Naast bovenstaande oplossingen kijken wij bij KWS ook altijd naar duurzame oplossingen voor bestaande mengsels. Een mooi voorbeeld hiervan is KonwéBright. Een mengsel dat meer licht reflecteert dan normale mengsels, door mineralen toe te voegen met licht-reflecterende eigenschappen.

Door toepassing van dit mengsel is er minder openbare verlichting en dus energie nodig, maar is de zichtbaarheid toch gewaarborgd.

Naast bovenstaande toepassingen hebben we ook KonwéFlex voor scheurgevoelige funderingen en Carpave voor zettingsgevoelige gebieden.

Wil jij meer weten over onze verschillende asfaltmengsels? Ga dan naarhttp://bit.ly/2P8qTVi