Tagarchief: Koninklijke VolkerWessels

Met de afronding van het Reevesluiscomplex is Ruimte voor de rivier voltooid

Schanscaissons – Montage bovenelement, bron Sipke Schadenberg(E kopiëren
Lees het gehele artikel

Waar Van Hattum en Blankevoort de grote betonnen kunstwerken uitvoert, neemt Vialis de elektrotechnische installaties voor haar rekening. 

Iedere keer als Van Hattum en Blankevoort het civiele gedeelte wind-, water- en stofdicht had gemaakt, ging Vialis met de elektrotechnische installaties aan de slag. Samen plaatsten zij de schanscaissons bij de Stadsbrug in Kampen, bouwden zij de Scheeresluis, het inlaatwerk, de Nieuwendijksebrug over het nieuwe Reevediep en ten slotte de schut- en spuisluis van de Reevesluis in het Drontermeer.

Overzicht Reevesluiscomplex met de Spuisluis en de schutsluis.

Schanscaissons bij de Stadsbrug in Kampen

In de IJssel plaatste Van Hattum en Blankevoort vijf piramidevormige caissons op de plek waar de schepen onder de Stadsbrug doorgaan. De caissons – 25 x 5 x 10 m – leiden de binnenvaart letterlijk in goede banen, waardoor de brug beschermd is. Mocht een binnenvaartschip nu onverhoopt stuurloos raken, dan schuift dit eerst op een van de caissons. “De betonblokken werden per kraan naar hun plaats gehesen”, vertelt Sipke Schadenberg, hoofd Werkvoorbereiding Civiel van Van Hattum en Blankevoort. “Het transport werd extra uitdagend omdat elk caisson bestond uit drie delen, die als Lego-blokken op elkaar moesten aansluiten.”

Brug Nieuwendijk, rank en slank

Om te regelen dat de bewoners in de omgeving van het Reevediep eenvoudig van de noordzijde naar de zuidzijde kunnen reizen, bouwde Van Hattum en Blankevoort halverwege het Reevediep de brug Nieuwendijk. “Vanwege het slanke ontwerp, moesten we het brugdek vervaardigen van in-situ beton”, vertelt Schadenberg. “En dat terwijl de ondergrond niet draagkrachtig genoeg was om er de tijdelijke ondersteuning op te bouwen. Volker Staal en Funderingen heeft toen voor elk dek tijdelijke palen geheid en wij hebben een complete staalconstructie met ondersteuning aangelegd. Dankzij de slimme tafelconstructie kon deze wel steeds – als tafel – opnieuw worden ingezet. Het bedenken van dit soort oplossingen is kenmerkend voor Van Hattum en Blankevoort. Expertise, ervaring en creativiteit gaan bij ons hand in hand. Die ene perfecte civiele constructie komt altijd boven water.”

Brug Nieuwendijk.

Installaties voor bediening op afstand

Voor de bouw van de Scheeresluis – tussen de IJssel en het Reevediep – bundelden Van Hattum en Blankevoort en Vialis hun krachten. Zodra het werk van Van Hattum en Blankevoort was afgerond, installeerde Vialis in het bedienhuis de installaties waarmee de sluis op afstand kan worden bediend. “De mechanische aandrijfinstallaties zijn in de kelder geplaatst”, vertelt Rob Streep, projectleider Realisatie Technische Installaties van Vialis. “De elektrische installaties voor de bediening van de sluis bevinden zich op de verdieping. Deze alleen al vroegen 40 km kabels en glasvezel. Voor de bedienaar legden we het camerasysteem aan, waarmee hij het hele terrein kan overzien. Nu hij alle schepen op afstand ziet aankomen, kan hij de sluisdeuren veilig bedienen. Verder bevinden zich op en rondom de sluis overal bewakings- en beveiligingssystemen, tot en met een ijsbestrijdingsinstallatie toe.”

Sterk in veiligheid

De veiligheidseisen voor de Scheeresluis waren extreem hoog. “Dat is voor ons niet vreemd”, vertelt Streep. “Bijna altijd is het in ons werk de uitdaging om het accent te verleggen van beveiliging naar preventie en predictie. Op die manier houden we de omgeving veilig en onze voeten droog. Onze installaties dragen hiermee een grote verantwoordelijkheid, maar daar zijn onze ontwerpers en engineers in gespecialiseerd.” 

De slimme tafelconstructie was iedere keer opnieuw inzetbaar.

Het Reevesluiscomplex, een veelzijdige uitdaging

Het Reevesluiscomplex was zondermeer het meest complexe en belangrijke kunstwerk van het project. De combinatie van een schutsluis voor de beroeps- en pleziervaart en een spuisluis met een hoogwaterkerende functie maken het mogelijk om het water vanaf beide kanten te keren en het Dronter-Vossemeer altijd beheersbaar te maken. Het volledige project werd gerealiseerd zonder de scheepvaart te verstoren. Dat maakte de bouw van het Reevesluiscomplex extreem uitdagend. Op het gebied van logistiek, bouwtechniek, elektronica, hydrauliek, veiligheid en omgevingsmanagement lag de lat hoog.     

De Schutsluis als tijdelijke vaarroute

“We hebben eerst de schutsluis gebouwd en de scheepvaart hieromheen geleid”, vertelt Schadenberg. “Toen deze klaar was, hebben we hier de tijdelijke vaarroute van gemaakt en de spuisluis gebouwd op de locatie van de tijdelijke vaargeul/omleiding.” De aanvoer van materiaal, materieel en personen vond plaats over de schutsluis heen, waarbij het middeneiland tussen de sluizen fungeerde als tussenstation. “Op de bouwplaats waren regelmatig meer dan tachtig mensen actief”, weet Peter Vervooren, disciplineleider Civiel van Van Hattum en Blankevoort. “Voor al deze mensen moest de veiligheid gegarandeerd zijn. Wij laten hierbij niets aan het toeval over: ‘We werken veilig of we werken niet’.”

Materieel en materialen voor de bouw van de spuisluis werden over de tijdelijke vaarroute aangeleverd.

Bediening en besturing Reevesluisccomplex

“Op de begane grond hebben we besturingskasten en energieverdelers geplaatst”, vertelt Streep. “Hier is de energieverdeling voor het gehele complex geregeld. De mechanische installaties – de hydraulische installaties voor zowel de spuisluis als de schutsluis – zijn opgenomen in bewegingswerkkelders. Hydraulische cilinders voor het aansturen van de deuren en het totaal van camera- en audiosystemen, bewakings- en beveiligingsinstallaties en meetapparatuur hebben dit tot een uniek project gemaakt.”

Duurzaamheid

Bij de bouw van de bedieningskamer speelde ook duurzaamheid een rol. “Nu wordt de sluis nog vanuit de lokale bedienruimte aangestuurd”, vertelt Arnold van Velzen, projectmanager van Vialis. “De kans is echter groot dat Rijkswaterstaat in de toekomst de bediening van alle beweegbare kunstwerken gaat centraliseren. Hiervoor hebben we de infrastructuur al aangelegd. De bedieningsruimte is geheel circulair gebouwd. Mocht het zover zijn, dan kan de bovenetage van het gebouw relatief eenvoudig worden opgepakt en op een andere locatie voor nieuwe doelen worden ingezet.”     

Colt International uit Cuijk ontwikkelt tunneltechnische installaties om brandveiligheid Station Delft te garanderen

werkzaamheden-bij-station-delft-kopieren
Lees het gehele artikel

Koninklijke VolkerWessels start afbouw tweede fase Station Delft

Vialis B.V. en Van Hattum en Blankenvoort B.V., beiden onderdeel van Koninklijke VolkerWessels, realiseert de afbouw en de tunneltechnische installaties van de Tunnel Delft, de tweede fase van het NS-station in Delft. In 2025 zal de Tunnel Delft in zijn geheel (fase 1 en 2) opengaan voor het treinverkeer tussen Den Haag en Rotterdam. Veiligheid van de reizigers in het station van Delft staat voorop. Vooral als er brand mocht uitbreken. Colt International uit Cuijk is voor de brandveiligheid in de tunnels en het station intensief betrokken bij de realisatie van het rookbeheersingssysteem in het station, ventilatiesysteem in de tunnels en de overdruksystemen van de noodtrappenhuizen.

De aanpak van het spoortraject Den Haag-Rotterdam is onderdeel van het Programma Hoogfrequent Spoorvervoer (PHS) waarmee ProRail stapsgewijs de drukste spoortrajecten in Nederland geschikt maakt voor meer treinverkeer. Door verdubbeling van het spoor tussen Rijswijk en Delft Zuid, en aanpassingen aan infra en beveiliging tussen Delft Zuid en Rotterdam kunnen er in 2025 op dit traject elk uur per richting acht intercity’s en zes sprinters rijden. Reizigers kunnen hierdoor elke vijf minuten de trein nemen tussen Rotterdam en Den Haag. In 2015 zijn de eerste tunnels met spoor 1 en 2 in gebruik genomen. Medio 2019 is gestart met de afbouw en de tunneltechnische installaties van de derde en vierde tunnel. Ook bouwt VolkerWessels verder aan het ondergrondse perron, dat tussen de vier tunnels in ligt. Deze tweede fase van het project wordt eind 2024 afgerond voor hoogfrequent treinverkeer. Naar schatting zullen in Delft dan circa 40.000 reizigers in- en uitstappen op een gemiddelde werkdag.

Stan Veldpaus is projectadviseur brandveiligheid bij Colt International in Cuijk, producent van rookbeheersingssystemen, klimaatinstallaties en zonwering. Eén van de specialismen van Colt is het ontwikkelen van rookbeheersingssystemen zoals Rook-en WarmteAfvoersystemen (RWA), overdrukinstallaties en stuwdrukventilatiesystemen, voor zowel boven- alsook ondergrondse gebouwen en tunnels. Voor de tunnel Delft ontwikkelde Colt de installaties voor de rookbeheersing voor zowel het station, de tunnels alsmede de noodtrappenhuizen en zal deze na oplevering geheel onderhouden. “De realisatie van de ventilatie in de vier tunnels en het station is vrij complex, omdat het geheel in open verbinding staat met elkaar en gezamenlijk dient te acteren. De ventilatiesystemen dienen zodanig samen te werken dat bij een willekeurige brand zowel het station, met daarin de perrons, alsook de tunnels voldoende rookvrij worden gehouden”, zegt Veldpaus. “Hiervoor zijn stuwdrukventilatoren in de tunnels nodig en mechanische brandgasventilatoren in het station. Het geheel dient de rook en hitte zo goed mogelijk te ventileren”, legt Veldpaus uit.

Voor de beide fases geldt dat voor de voornoemde systemen, het ontwerp van de installaties met CFD-modellen (computational fluid dynamics) is geoptimaliseerd. “De computersimulaties zijn door stromingsleerdeskundigen binnen Colt zelf vervaardigd”, zegt Veldpaus. “De simulaties voorspellen welk effect luchtstromen hebben in een tunnel en het station als er brand uitbreekt. De computer geeft dus aan welk effect de luchtstroom heeft op zichtbaarheid en hitte-ontwikkeling.” Bij brand moeten rook en warmte snel afgevoerd worden. Het afvoeren van rook en hitte wordt dus verzorgd door het RWA-systeem van de perrons, de centrale hal en de stuwdrukventilatoren in de tunnels. Hierdoor blijft er voldoende zicht voor passagiers en personeel om snel en veilig te kunnen vluchten. De systemen zorgen er ook voor dat de brandweer de brand snel kan lokaliseren en blussen. Deze systemen beheersen dus het grootste gevaar, direct nadat een brand uitbreekt, waardoor reizigers en personeel aanzienlijk meer tijd hebben om te ontkomen”, aldus Veldpaus.

Ook draagt Colt zorg voor de overdruksystemen in de noodtrappenhuizen die gelegen zijn aan de tunnels. Door een grote luchtstroming te bewerkstelligen vanaf de trap naar de tunnel, zal er geen rook het trappenhuis in stromen. Voorts zal door het drukverschil bij gesloten deur eveneens geen rook het trappenhuis in kunnen stromen. Door de verschillende uitvoeringsvormen van de aanwezige trappenhuizen komen er verschillende typen overdruksystemen in dit project voor. Per trappenhuis is het overdruksysteem ontworpen, geïnstalleerd en getest.

De Koninklijke VolkerWessels ondernemingen Vialis en Van Hattum en Blankevoort zijn verantwoordelijk voor de uitvoering van de tunneltechnische installaties en afbouw van de tweede fase van het station Delft. Evenals in de eerste fase, zullen ook in de tweede fase de rook- en warmtebeheersingssystemen van Colt worden geïnstalleerd. Marcel van Stek is projectinkoper bij Vialis en betrokken bij de tunneltechnische installaties. Naast het installeren van de ventilatie moet Vialis als systemintegrator er ook voor zorgen dat de brandveiligheidssystemen en installaties aan elkaar gekoppeld worden. “Vialis zal in tunnel 3 en 4 elk 19 stuwdrukventilatoren installeren. In tunnel 1 en 2 hangen 38 identieke ventilatoren. Uiteindelijk zullen alle 76 stuwdrukventilatoren in de vier tunnels aan elkaar worden gekoppeld, die weer in verbinding staan met de RWA-systemen op de perrons en in de centrale hal”, vertelt van Stek. Deze installaties zuigen lucht aan en duwen lucht met een bepaalde kracht één richting op. Het aantal stuwdrukventilatoren hangt af van de geometrie van de tunnel. “Deze kracht is zo groot dat lucht bij rook- en hitte-ontwikkeling één kant van een tunnel wordt opgeduwd, in de rijrichting mee naar buiten. Dit voorkomt dat rook en hitte de perrons en de centrale ruimtes bereiken”, legt hij uit. De vier noodtrappenhuizen die vanuit de tunnels naar het maaiveld leiden, zijn voorzien van standalone overdrukinstallaties. “Tunnel 3 en 4 krijgen eveneens vier extra noodtrappenhuizen, waarin Vialis dezelfde standalone overdrukinstallaties van Colt zal installeren. “Deze standalone overdrukinstallaties houden in de trappenhuizen rook en hitte tegen en blazen het terug de tunnel in. De installaties zorgen ervoor dat de passagiers zo snel mogelijk uit de tunnels kunnen bij een calamiteit”, zegt van Stek.

Brandventilatie is één van de belangrijkste aspecten bij de Tunnel Delft. “Het is een groot pluspunt dat Colt ook in de eerste fase de tunneltechnische installaties heeft ontworpen en geleverd”, zegt van Stek. Met de technische informatie en de gegevens van de computersimulaties heeft Colt de rookbeheersing en Rook- en WarmteAfvoersystemen uiterst nauwkeurig uitgewerkt en geoptimaliseerd. “Intensieve betrokkenheid en oplossingsgerichtheid die aan de dag worden gelegd, getuigen van een sterke en betrouwbare ketenpartner bij complexe projecten zoals de Tunnel Delft”, geeft van Stek aan.