Tagarchief: IJsseldelta

Gecertificeerde veengrond, gerijpt en gekrompen

default
Lees het gehele artikel

Maar waar moest zij naartoe met de onderliggende 250.000 m3 veengrond? Als bij toeval liep Bert van Bavel van Boskalis toen Hans Olieman tegen het lijf, waarmee het probleem binnen enkele gesprekken uit de wereld was.

Hans Olieman is mede-eigenaar van Gebr. Olieman en koopt al sinds 40 jaar grote hoeveelheden grond – voornamelijk veengrond – op ten behoeve van boomkwekerijen, hoveniers, gemeentes, semi-overheidsinstanties en particulieren. Om de grond geschikt te maken voor deze nieuwe gebruikers, slaat Gebr. Olieman de grond eerst twee jaar op, zodat deze kan rijpen en krimpen. 

Depot voor rijpen en krimpen

Als Gebr. Olieman zou overgaan tot aankoop van de veengrond in de IJsseldelta, moest zij dus ook een depot vinden voor de periode van twee jaar. “Dat vonden we bij De Slaper in Kampen”, vertelt Olieman. “Hier heeft Boskalis de veengrond gedumpt, waarna wij deze zo hoog mogelijk hebben opgestapeld en tegelijkertijd de kwaliteit hebben gecontroleerd.” 

Een geoliede machine

Inmiddels zijn er drie jaar verstreken en werken Boskalis en Gebr. Olieman samen als een geoliede machine. “Boskalis slaagt er werkelijk in om voor zo’n groot project als de IJsseldelta één aanspreekpunt te hebben. Of ik Bert van Bavel nu een vraag stel over de planning, de calculatie of de afvoer, ik krijg altijd direct antwoord.” Soms lift Gebr. Olieman ook mee op de kracht van een grotere organisatie. “Als groot bedrijf heeft Boskalis haar veiligheidszaken op orde. Veiligheidshelmen, oranje hesjes en verstevigde schoenen zijn op haar locaties standaard. Als onze mensen samenwerken, gaat dit ook automatisch ook voor ons gelden, een goed voorbeeld.” 

RAG-gecertificeerd

Om zeker te zijn dat de grondpartijen voldoen aan de hoogste kwaliteitsnormen, laat Gebr. Olieman de grond voor doorverkoop testen. Alleen als krimp, PH-waarde, zoutgehalte en AP04-rapport in orde zijn en de grond in aanmerking komt voor het RAG-keurmerk, gaat de grond door naar de volgende eigenaar.     

Met de afronding van het Reevesluiscomplex is Ruimte voor de rivier voltooid

Schanscaissons – Montage bovenelement, bron Sipke Schadenberg(E kopiëren
Lees het gehele artikel

Waar Van Hattum en Blankevoort de grote betonnen kunstwerken uitvoert, neemt Vialis de elektrotechnische installaties voor haar rekening. 

Iedere keer als Van Hattum en Blankevoort het civiele gedeelte wind-, water- en stofdicht had gemaakt, ging Vialis met de elektrotechnische installaties aan de slag. Samen plaatsten zij de schanscaissons bij de Stadsbrug in Kampen, bouwden zij de Scheeresluis, het inlaatwerk, de Nieuwendijksebrug over het nieuwe Reevediep en ten slotte de schut- en spuisluis van de Reevesluis in het Drontermeer.

Overzicht Reevesluiscomplex met de Spuisluis en de schutsluis.

Schanscaissons bij de Stadsbrug in Kampen

In de IJssel plaatste Van Hattum en Blankevoort vijf piramidevormige caissons op de plek waar de schepen onder de Stadsbrug doorgaan. De caissons – 25 x 5 x 10 m – leiden de binnenvaart letterlijk in goede banen, waardoor de brug beschermd is. Mocht een binnenvaartschip nu onverhoopt stuurloos raken, dan schuift dit eerst op een van de caissons. “De betonblokken werden per kraan naar hun plaats gehesen”, vertelt Sipke Schadenberg, hoofd Werkvoorbereiding Civiel van Van Hattum en Blankevoort. “Het transport werd extra uitdagend omdat elk caisson bestond uit drie delen, die als Lego-blokken op elkaar moesten aansluiten.”

Brug Nieuwendijk, rank en slank

Om te regelen dat de bewoners in de omgeving van het Reevediep eenvoudig van de noordzijde naar de zuidzijde kunnen reizen, bouwde Van Hattum en Blankevoort halverwege het Reevediep de brug Nieuwendijk. “Vanwege het slanke ontwerp, moesten we het brugdek vervaardigen van in-situ beton”, vertelt Schadenberg. “En dat terwijl de ondergrond niet draagkrachtig genoeg was om er de tijdelijke ondersteuning op te bouwen. Volker Staal en Funderingen heeft toen voor elk dek tijdelijke palen geheid en wij hebben een complete staalconstructie met ondersteuning aangelegd. Dankzij de slimme tafelconstructie kon deze wel steeds – als tafel – opnieuw worden ingezet. Het bedenken van dit soort oplossingen is kenmerkend voor Van Hattum en Blankevoort. Expertise, ervaring en creativiteit gaan bij ons hand in hand. Die ene perfecte civiele constructie komt altijd boven water.”

Brug Nieuwendijk.

Installaties voor bediening op afstand

Voor de bouw van de Scheeresluis – tussen de IJssel en het Reevediep – bundelden Van Hattum en Blankevoort en Vialis hun krachten. Zodra het werk van Van Hattum en Blankevoort was afgerond, installeerde Vialis in het bedienhuis de installaties waarmee de sluis op afstand kan worden bediend. “De mechanische aandrijfinstallaties zijn in de kelder geplaatst”, vertelt Rob Streep, projectleider Realisatie Technische Installaties van Vialis. “De elektrische installaties voor de bediening van de sluis bevinden zich op de verdieping. Deze alleen al vroegen 40 km kabels en glasvezel. Voor de bedienaar legden we het camerasysteem aan, waarmee hij het hele terrein kan overzien. Nu hij alle schepen op afstand ziet aankomen, kan hij de sluisdeuren veilig bedienen. Verder bevinden zich op en rondom de sluis overal bewakings- en beveiligingssystemen, tot en met een ijsbestrijdingsinstallatie toe.”

Sterk in veiligheid

De veiligheidseisen voor de Scheeresluis waren extreem hoog. “Dat is voor ons niet vreemd”, vertelt Streep. “Bijna altijd is het in ons werk de uitdaging om het accent te verleggen van beveiliging naar preventie en predictie. Op die manier houden we de omgeving veilig en onze voeten droog. Onze installaties dragen hiermee een grote verantwoordelijkheid, maar daar zijn onze ontwerpers en engineers in gespecialiseerd.” 

De slimme tafelconstructie was iedere keer opnieuw inzetbaar.

Het Reevesluiscomplex, een veelzijdige uitdaging

Het Reevesluiscomplex was zondermeer het meest complexe en belangrijke kunstwerk van het project. De combinatie van een schutsluis voor de beroeps- en pleziervaart en een spuisluis met een hoogwaterkerende functie maken het mogelijk om het water vanaf beide kanten te keren en het Dronter-Vossemeer altijd beheersbaar te maken. Het volledige project werd gerealiseerd zonder de scheepvaart te verstoren. Dat maakte de bouw van het Reevesluiscomplex extreem uitdagend. Op het gebied van logistiek, bouwtechniek, elektronica, hydrauliek, veiligheid en omgevingsmanagement lag de lat hoog.     

De Schutsluis als tijdelijke vaarroute

“We hebben eerst de schutsluis gebouwd en de scheepvaart hieromheen geleid”, vertelt Schadenberg. “Toen deze klaar was, hebben we hier de tijdelijke vaarroute van gemaakt en de spuisluis gebouwd op de locatie van de tijdelijke vaargeul/omleiding.” De aanvoer van materiaal, materieel en personen vond plaats over de schutsluis heen, waarbij het middeneiland tussen de sluizen fungeerde als tussenstation. “Op de bouwplaats waren regelmatig meer dan tachtig mensen actief”, weet Peter Vervooren, disciplineleider Civiel van Van Hattum en Blankevoort. “Voor al deze mensen moest de veiligheid gegarandeerd zijn. Wij laten hierbij niets aan het toeval over: ‘We werken veilig of we werken niet’.”

Materieel en materialen voor de bouw van de spuisluis werden over de tijdelijke vaarroute aangeleverd.

Bediening en besturing Reevesluisccomplex

“Op de begane grond hebben we besturingskasten en energieverdelers geplaatst”, vertelt Streep. “Hier is de energieverdeling voor het gehele complex geregeld. De mechanische installaties – de hydraulische installaties voor zowel de spuisluis als de schutsluis – zijn opgenomen in bewegingswerkkelders. Hydraulische cilinders voor het aansturen van de deuren en het totaal van camera- en audiosystemen, bewakings- en beveiligingsinstallaties en meetapparatuur hebben dit tot een uniek project gemaakt.”

Duurzaamheid

Bij de bouw van de bedieningskamer speelde ook duurzaamheid een rol. “Nu wordt de sluis nog vanuit de lokale bedienruimte aangestuurd”, vertelt Arnold van Velzen, projectmanager van Vialis. “De kans is echter groot dat Rijkswaterstaat in de toekomst de bediening van alle beweegbare kunstwerken gaat centraliseren. Hiervoor hebben we de infrastructuur al aangelegd. De bedieningsruimte is geheel circulair gebouwd. Mocht het zover zijn, dan kan de bovenetage van het gebouw relatief eenvoudig worden opgepakt en op een andere locatie voor nieuwe doelen worden ingezet.”