Tagarchief: Aanpak Wegtunnels Amsterdam

Renovatie Piet Heintunnel in volle gang

Lees het gehele artikel

Alliantie tussen gemeente Amsterdam en Yunex Traffic/Heijmans

De combinatie Yunex Traffic (voormalig Siemens Mobility ITS)/Heijmans gaat in Alliantie met de Gemeente Amsterdam de
Piet Heintunnel in Amsterdam renoveren. Yunex Traffic is een onderdeel van Siemens Mobility en specialiseert zich in
technische oplossingen in de infrastructuur in Nederland. De uitvoering van de renovatie is gestart eind juni 2021, loopt door tot en met september 2022 en valt binnen het programma ‘Aanpak Wegtunnels Amsterdam’, afgekort ‘AWA’.

Bij het verwijderen van de oude installatie komen veel materialen vrij.

De Piet Heintunnel werd in 1997 in gebruik genomen en is een hoofdader van het Amsterdamse wegennetwerk. Deze tunnel verbindt het centrum van Amsterdam met het Zeeburgereiland en de ring A10. Na bijna 25 jaar intensief gebruik (30.000 voertuigen per dag) is de tunnel toe aan renovatie. Daarnaast moet de Piet Heintunnel volledig voldoen aan de veiligheidswetgeving (Wet Aanvullende Regels Veiligheid Wegtunnels). We spreken met Renard Kox en Leon Turmaine, beiden werkzaam voor Yunex Traffic, in de respectievelijke functies van assistent ontwerpmanager voor de gemeente Amsterdam en assistent ontwerpleider, tevens rechterhand van Renard.

Werkzaamheden aan de Piet Heintunnel

“De gemeente Amsterdam, Yunex Traffic en Heijmans zullen de bestaande installaties en systemen in de tunnel en de besturing ervan compleet vernieuwen en uitbreiden”, opent Renard het gesprek. “Tevens wordt er groot onderhoud uitgevoerd op de civiele en bouwkundige delen.” Renard is verantwoordelijk voor het hele ontwerpteam, waarbij het draait om zaken als civiele werken, communicatie, besturing en installaties. “Wij werken aan een consistent, integraal ontwerp, samen met Denis Walraven, die vanuit de gemeente eindverantwoordelijk is voor het ontwerpteam”, vertelt Renard. Daar voegt Leon aan toe: “Momenteel maak ik de schakel naar de uitvoering, samen met Heijmans.”

Systemen naar een hoger niveau tillen

De uit 1997 daterende installaties in de Piet Heintunnel voldoen niet meer aan de huidige normen. “De wetgeving is veranderd, de systemen moeten derhalve naar een hoger niveau getild worden”, aldus Renard. “AWA stuurt bij de renovatie op meer ‘redundancy’ en minder verwevenheid tussen de systemen. In het ontwerp wordt er mede daarom nog meer modulair gewerkt, zodat bij toekomstige werkzaamheden er beduidend minder hinder optreedt voor het verkeer. Ook de brandwerendheid moet omhoog, de voegen en damwanden worden voorzien van hitte werende bekleding. De installaties hebben het einde van hun levensduur bereikt en worden vernieuwd, volgens een ontwerp dat voldoet aan de wetgeving en aan de eisen van de gemeente.”

Yvar in ’t veld , Renard Kox en Leon Turmaine.

Secties definiëren

Leon schetst de manier waarop er modulair gebouwd gaat worden: “We definiëren secties, die bepaald zijn rondom de vluchtdeuren. Elke sectie bestrijkt ongeveer 100 meter en krijgt een eigen ontwerp, dat identiek is aan de overige secties. Helemaal modulair dus. Het voordeel is dat er geen sprake meer is van verschillende onderdelen en bij onderhoud, service of reparatie kan dus met een beperkte reserveonderdelenvoorraad en heeft altijd maar impact op een sectie, in plaats van de hele tunnel. De kracht zit hem in de herhaling dus, daardoor gaat de kwaliteit omhoog en is alles beter te onderhouden. Elke sectie krijgt een identieke sturingskast, dit is niet de goedkoopste oplossing als we kijken naar de aanschafkosten, maar op de lange termijn is dit voordeliger.”

Renard vult aan: “Deze werkwijze is ook een blauwdruk voor AWA, aangezien er nog meer tunnels gerenoveerd worden. Vluchtdeuren zijn er in elke tunnel, dus sectioneren kan overal.” Leon: “Sterker nog: hoe langer de tunnel is, des te voordeliger de sectie-aanpak wordt.”

De werkzaamheden in vogelvlucht

Binnen het project wordt de aanpak “Best for Project” gehanteerd en is geen “scopesplit” afgesproken. Renard legt uit: “Hiermee wordt per deelactiviteit gekeken wat het beste is voor het project. Binnen het veld van Yunex Traffic vallen zaken als bediening en besturing, netwerk, hulppostkasten, rijstrooksignalering, verkeersdetectie, luchtkwaliteitsmeters, ventilatoren en drukverschilmeters tussen de verkeersbuis en de dienstgang. Met dat laatste systeem wordt overdruk gecreëerd in de dienstgang, nodig om bij brand of het ontsnappen van gassen bij calamiteiten ervoor te zorgen dat er geen rook of gas in de dienstgang kan komen. Die druk moet precies goed zijn, nog een hele klus over 1,5 kilometer. De Piet Heintunnel heeft als bijzonderheid ook geen schuifdeuren, maar klapdeuren. Deze deuren moeten bij opening dus tegen de luchtdruk ingeduwd worden, om dat te vergemakkelijken komt er een mechanische openingshulp op de deuren, een oplossing die uit de maritieme sector komt. Alle installaties bevinden zich in de dienstgang.”

Naast de werkzaamheden in de tunnel, vinden er ook werkzaamheden buiten de tunnel plaats. Leon somt op: “Denk dan aan afsluitbomen en de koppeling met de VTI (verkeers technische installatie). Ook werkzaamheden voor de nieuwe verkeerscentrale horen bij de aanpak. Bij de tunnel bevindt zich ook de lokale bedienplek, een kopie van de bedienplek in de verkeerscentrale. De operator bewaakt en bedient dus in de centrale verkeerscentrale van de gemeente Amsterdam, met een lokale back-up bedienplek op de tunnel, in dienstgebouw West. Dit is een parate standby locatie en kan indien nodig zo ingeschakeld worden.”

Digital Twin

Yunex Traffic maakt gebruik van een interactieve digitale tunneltweeling. Renard: “Dit is een 3D-model van de tunnel met de functionaliteit van alle nieuwe installaties, inclusief de omgeving. Deze wordt gekoppeld aan de nieuwe tunnelbesturingssoftware en de nieuwe werkplek voor het bedienen en bewaken van de tunnel en maakt het dan mogelijk om al voor de renovatie allerlei scenario’s in de gerenoveerde tunnel heel nauwkeurig na te bootsen. Zo kun je het functioneel gedrag van de tunnel nauwkeurig toetsen. Dit reduceert de kosten, verkort de doorlooptijd en verhoogt de efficiency. We spreken over twee fases bij de Digital Twin. 

De eerste fase is de fysieke Digital Twin, een bedienplek waar fysiek apparatuur aan gekoppeld is. Daarmee toets je of de hardware zijn werk naar behoren doet inclusief de interface tussen de besturing en de hardware. De tweede fase is een Digital Twin met gesimuleerde hardware, middels het door Siemens ontwikkelde softwarepakket SIMIT. Daarmee kun je onder andere een virtuele test uitvoeren zonder hardware, automatiseringstoepassingen in een virtuele omgeving testen en een tunnelverkeersleider opleiden in een realistische maar veilige omgeving. In fase 1 test je dus één lamp fysiek en in fase 2 kun je er virtueel 100 testen.”

In fase drie is er sprake van een testraam voor de software. “Koppel SIMIT aan de besturing en je hebt een veldsimulatie en koppel de besturing tevens aan de 3D-visualisatie, daarmee kun je heel realistisch integrale scenario’s testen.  Je kunt er zo ook camerabeelden mee simuleren. Zo is het mogelijk om vanuit het blikveld van de weggebruiker te kijken naar de apparatuur in de tunnel. Ook is het mogelijk om vanuit de camera te kijken of de camerapositie wel optimaal is.”

Dienstgang voor kabels en apparatuur.

Werken in alliantievorm

Volgens Renard is de samenwerking tussen Yunex Traffic/Heijmans binnen de alliantie goed en prettig. “Werken in alliantievorm bevalt goed en wat daarbij helpt is dat Yunex Traffic en Heijmans elkaar al kennen uit een soortgelijke samenwerkingsvorm. We hebben in dezelfde opzet samen al de Koningstunnel gedaan en kunnen nu de ‘lessons learned’ implementeren. Alle partijen zitten open en transparant in het verhaal, er is sprake van veel werkplezier en een grote gunfactor over en weer. Door Best for Project te werken ontstaat een ideale verdeling van werkzaamheden. Zo is Heijmans verantwoordelijk voor de kabels, leidingen, verlichting, energie- en communicatiesystemen. Wij doen binnen de VTTI de bediening en besturing, verkeersinstallaties, de werktuigbouwkundige installaties en system engineering. We treden daarmee dus op als integrator”, aldus Renard.

Leon voegt toe: “Wij proberen de afstemming tussen de drie samenwerkende partijen te waarborgen, waarbij er wel degelijk sprake is van drie verschillende bedrijfsculturen. We merken door de verschillende bedrijfsculturen dat het noodzakelijk is om veel begeleiding en instructie te geven op het gebied van processen. Tot nu toe loopt dit echter wel succesvol omdat we veel aandacht besteden aan individuele collega’s en open en eerlijk zijn in de communicatie.”     

Aanpak Wegtunnels Amsterdam kiest voor strategische samenwerking 

Lees het gehele artikel

De gemeente Amsterdam renoveert in het kader van het programma Aanpak Wegtunnels Amsterdam (AWA) diverse wegtunnels en de verkeerscentrale. Het programma gaat daarmee niet alleen om civiele werkzaamheden aan tunnels, maar ook om de bijbehorende installaties en de verkeerscentrale. Doel van het programma is dat de tunnels binnen de afgesproken kaders gaan voldoen aan strengere wetgeving, maar ook dat de tunnels inclusief bediening en besturing uniform worden ingericht en samen met de verkeerscentrale als één systeem functioneren. 

Het programma heeft daarom een overkoepelende programmaorganisatie ingericht die de samenhang tussen de afzonderlijke tunnelprojecten en de verkeerscentrale bewaakt. Deze programmaorganisatie stond voor de vraag hoe de kwaliteitsborging voor het programma in te richten. AWA heeft ervoor gekozen door middel van een aanbesteding een strategische samenwerking met één auditpartner aan te gaan; dit is Horvat & Partners geworden.

Maximale meerwaarde bieden

We spreken met directeur Maarten van de Voort en lead auditors Matthijs Boon en Rob Theunissen van Horvat & Partners. Maarten trapt af en stelt dat Horvat deze aanbesteding heeft gewonnen omdat Horvat de vraag van AWA goed begrijpt; hoe biedt je als auditor maximale meerwaarde in samenhang met andere al door het programma zelf ingerichte toetsvormen? Maarten: “We kunnen dit onder meer doordat Horvat & Partners het programma al goed kent. De afgelopen jaren hebben we een aantal keren met succes op korte termijn invulling kunnen geven aan vragen van het programma AWA. Bijvoorbeeld met een beoordeling van de opzet van de programmaorganisatie en met reviews van verschillende kostenramingen.” 

Matthijs vult aan: ”Daarnaast sluit het gevraagde type toetsen goed aan op de kern van onze dienstverlening waarmee wij ons inzetten voor perfect lopende infraprojecten- en organisaties. Hierdoor hebben we ervaring met vrijwel alle typen toetsen die voor het auditprogramma relevant zijn. Verder hebben we de vrijheid en verantwoordelijkheid gekregen om zelf een auditstrategie en toetsplan op te stellen. Dit stelt ons in staat om maatwerk voor het programma te leveren. Doordat we langdurig bij dezelfde projecten toetsen uitvoeren, leren we het programma en de projecten goed kennen. In combinatie met onze ervaring met systeem-, proces en producttoetsen, komen we tot een reeks toetsen die optimaal aansluit op sterktes en zwaktes van het programma en de projecten. We doen zelf voorstellen voor het soort toets, de diepgang, de auditvragen etc. Ook hebben we een gesloten leercyclus ingericht waarbij we de toetsen en het toetsplan evalueren en in overleg met
AWA zo nodig bijstellen.”

Inhoudelijke affiniteit met veel van de onderwerpen

“Een succesfactor voor de toetsen is ook dat we inhoudelijke affiniteit met veel van de onderwerpen hebben, bijvoorbeeld ten aanzien van tunnelwetgeving, projectbeheersing, contractmanagement en systems engineering. En op onderwerpen waar we zelf denken niet voldoende deskundig te zijn, betrekken we aanvullende deskundigheid uit ons netwerk. Een treffend voorbeeld hiervan is een toets op cyber security in het najaar”, aldus Rob. 

Reflecterend geeft Maarten aan deze vorm van inrichten van auditdiensten nog niet eerder te zijn tegengekomen. “Uniek aan deze vorm is dat we als auditpartner echt uitgedaagd worden om een maximale bijdrage aan het programma te leveren. Wij adviseren AWA op welke onderwerpen van het programma we de grootste risico’s zien en richten daar onze toetsen op in. Daarmee heb je als auditor, meer dan bijvoorbeeld bij uitbestede SCB-toetsen, een resultaatsverplichting en doe je echt mee in het programma.”     

Meer dan 30 jaar samenwerking op tunnel technisch gebied

unnamed
Lees het gehele artikel

Voor Robin Gerrets (Witteveen+Bos) en Guido Lahaije (Royal HaskoningDHV) hebben tunnels geen geheimen meer. De bedrijven waarvoor de heren werken zitten in een samenwerkingsverband genaamd Tunnel Engineering Consultants (TEC), een verbond dat al meer dan 30 jaar standhoudt. De gemeente Amsterdam maakt van de diensten van TEC gebruik voor de engineering en ontwerpen binnen het programma Aanpak Wegtunnels Amsterdam (AWA). We spreken Robin en Guido over de unieke ‘Amsterdamse standaard’ die, geheel binnen de kaders van de tunnelwetgeving, zorgt voor een bijzondere aanpak.

Breed inzetbare kennis en kunde

“Onze moederbedrijven versterken elkaar in expertise binnen TEC”, begint Guido. “De expertise van TEC begon ooit met afzinktunnels, maar is inmiddels zo breed dat we wereldwijd gevraagd worden bij tunnelprojecten.” Robin vult aan: “We bieden dan ook alle soorten ingenieursdiensten aan rondom tunnels. Binnen het AWA-programma worden alle installaties vervangen en houden we ons bezig met bijkomende zaken, zoals verkeersveiligheid, onderzoek naar flora en fauna, geotechniek en alle voorkomende constructieve zaken. We controleren of de tunnels nog steeds voldoen aan de huidige wetgeving en checken of de berekeningen van destijds nog kloppen, bijvoorbeeld als het om lekkage gaat. Elke tunnel lekt van nature, maar valt dit nog binnen de hedendaagse eisen? Zulke zaken willen we op papier hebben.”

Robin Gerrets, Tunnel Engineering Consultants.

AWA is ook echt ‘typisch Amsterdams’

Robin legt uit hoe de werkzaamheden binnen het AWA-programma zich tot elkaar verhouden: “40% van het werk draait om de tunneltechnische installaties, dus alles met een draadje, 20% gaat over het gedrag van installaties, 20% over het opzetten van BIM-registratie met de daarbij behorende zaken als 3D visualisatie en simulatie en 20% bevat de categorie ‘overige werkzaamheden’. Deze verdeling is ‘typisch Amsterdams’ en komt voort uit het idee dat de gemeente Amsterdam heeft om binnen AWA te komen tot een blauwdruk die toepasbaar is op alle Amsterdamse tunnels. Het opstellen van deze blauwdruk liep synchroon met de werkzaamheden voor de Piet Heintunnel, met wat we geleerd hebben van de Piet Heintunnel passen we de blauwdruk nu voor het eerst toe en perfectioneren deze verder bij de ArenaTunnel.”

Guido vertelt dat er gewerkt wordt aan een standaard voor aansturing, beheer en onderhoud. “Om die reden zijn we ook betrokken bij het maken van het ontwerp voor de nieuwe verkeerscentrale, van waaruit alle Amsterdamse tunnels zullen worden aangestuurd. Ook dat past in het straatje van TEC, we kunnen er onze volledige expertise in kwijt.” Robin stelt de retorische vraag waarom Amsterdam een eigen standaard wenst: “We kijken wel degelijk naar wat Rijkswaterstaat heeft bedacht en voorschrijft. Echter, een tunnel in stedelijk gebied is geen één op één kopie van een tunnel in een snelweg. Er spelen enorm veel andere factoren mee, waaronder ander verkeersgedrag. Wij nemen alles mee in de Amsterdamse standaard, voldoen volledig aan de landelijke tunnelwetgeving en we bewaken deze lokale standaard door heel breed te schakelen binnen AWA.”

Ook begeleiding van het digitale proces

Het voordeel voor de gemeente Amsterdam dat ontstaat door de samenwerking met TEC is dat er maar één aanspreekpunt nodig is voor alle tunnels. “Ons voordeel is dat ons personeel van tunnel naar tunnel kan”, schetst Robin. “We kunnen na 2 jaar zo gewerkt te hebben rustig zeggen dat dat een succes is. Er is een goed oog voor elkaars belangen.” TEC begeleidt ook de digitale kant van het ontwerpproces. Daaronder vallen BIM, 3D visualisaties en het opleveren van digital twins, virtuele tunnels die gebruikt worden voor ontwerpen, testen, monitoren en trainingen. “Investeren vooraf zorgt voor een beter eindproduct, voorkomt faalkosten en maakt gegevens betrouwbaarder en bereikbaarder”, aldus Guido.

Tot besluit geven de heren aan dat ze hun petje afnemen voor de open, transparante en innovatieve aanpak van de gemeente Amsterdam. “Dat maakt dat er ook ruimte is om elkaar uit te dagen met kritische vragen, altijd goed voor nuttige discussies”, concludeert Guido.     

“Het programma Aanpak Wegtunnels Amsterdam raakt de bereikbaarheid en mobiliteit van de stad”

Lees het gehele artikel

Een interview met Ronald Siebrand, programmadirecteur AWA

“Sinds 2012 heb ik echt iets met Amsterdam”, opent Ronald het gesprek. “Mijn Amsterdamse avontuur begon bij de renovatie van de Oostlijnstations. Tevens heb ik de ‘staart’ meegemaakt van de aanleg van de Noord-Zuidlijn.” Ronald werkt in opdracht van de gemeente Amsterdam, met als specialisme het verbeteren van bestaande projecten.

De directie Metro en Tram haalt de expertise voor het AWA-programma van buiten. Ronald was geen onbekende door zijn werk bij de Oostlijn en is nu eindverantwoordelijk voor de uitvoering van het AWA-programmaplan. “Ik word elke keer weer gepakt door de dynamiek van deze stad”, verklaart hij. “Je hebt hier te maken met de Amsterdammers, met de complexiteit van de stad en met een stukje politiek dat bij dit soort projecten komt kijken. Het programma Aanpak Wegtunnels Amsterdam raakt de bereikbaarheid en de mobiliteit van de stad.”

Ronald Siebrand, programmadirecteur AWA.

Doelstellingen van het AWA-programma

Het programmaplan voor AWA werd eind 2018 opgesteld en in 2019 goedgekeurd door het gemeentebestuur. Ronald schetst de doelstellingen: “Ten eerste moet de gemeente Amsterdam haar tunnels veilig laten zijn voor het hedendaagse wegverkeer. Ten tweede is het de bedoeling om een toekomstbestendig tunnelareaal te realiseren, klaar voor de wereld van morgen, veilig te gebruiken, eenvoudig te bedienen en makkelijk te onderhouden. Het feit dat we ook de bewaking en bediening vernieuwen en meerdere tunnels tegelijkertijd aanpakken, zorgt voor een robuuste beschikbaarheid over de gehele linie. Een van de zaken waarmee in de ontwerpen rekening wordt gehouden, is het korter en minder ingrijpend buitendienst stellen van de tunnels bij toekomstige werkzaamheden.”

Het AWA-programma bestaat uit vier projecten. De Piet Heintunnel, die een volledige renovatie ondergaat, de Amsterdam ArenAtunnel, die ook een volledige renovatie ondergaat, de Michiel de Ruijtertunnel, die een upgrade krijgt inzake brandveiligheid en de bouw van een nieuwe verkeerscentrale. “Centraal staat dat na aanpak alle tunnels volledig voldoen aan de tunnelwetgeving”, aldus Ronald.

Uniform bedienconcept

“Omdat we ook de verkeerscentrale doen, kunnen we bij elke tunnel naar de bediening kijken. Nu wordt iedere tunnel vanuit de huidige verkeerscentrale nog op een eigen specifieke manier bediend. Met de nieuwe verkeerscentrale op LCM-terrein aan de Van Marwijk Kooystraat gaan we echter naar een uniform bedieningsconcept. Dat maakt AWA zo interessant, we kunnen daardoor veel meer. De vijf Amsterdamse tunnels worden straks vanaf een uniforme bediendesk bewaakt en bediend, we hebben het dan over de Piet Heintunnel, de ArenAtunnel, de Michiel de Ruijtertunnel, de IJ-tunnel en de Spaarndammertunnel. Dat is de kracht van het programma AWA, alle kennis en kunde wordt over de projecten heen meegenomen naar de andere tunnels. De Piet Heintunnel levert bijvoorbeeld onder meer de blauwdruk van de nieuwe bediening en besturing voor de ArenAtunnel”, weet Ronald.

Huidige Verkeerscentrale Amsterdam gezien vanaf het water. Er wordt een nieuwe Verkeerscentrale gebouwd op het LCM-terrein aan de Van Marwijk Kooystraat.

Geen unicaten meer

Eenvoudige bediening via de nieuwe verkeerscentrale geeft de wegverkeersleiders straks nieuwe tools in handen om hun werk te kunnen doen. “Door de renovaties en upgrades binnen het AWA-programma zijn de gerenoveerde tunnels straks helemaal up to date en veilig. Bovendien worden de tunnels makkelijker te onderhouden, omdat we afscheid nemen van zogenaamde ‘unicaten’. Dat wil zeggen dat je straks geen unieke installaties meer aantreft, die onderhoud bemoeilijken. In de Piet Heintunnel en de ArenAtunnel gaan we uniformeren zoals dat heet, installaties zijn modulair van opbouw en de uitgangspunten voor het ontwerp zijn identiek aan elkaar. Dat spaart bij onderhoud of reparatie tijd en geld. Daarmee wordt het voor onderhoudspartijen makkelijker en sneller werken en zijn werkzaamheden minder belastend voor het wegverkeer.”

De noodzaak van renoveren en upgraden

Alle tunnels in Amsterdam zijn na de oorlog gebouwd en de installaties van een aantal tunnels bereiken gelijktijdig het einde van hun levensduur. Volgens Ronald moest er een inhaalslag gemaakt worden: “Er was vroeger gewoon minder aandacht voor onderhoud en aanpassingen. De daarmee opgelopen achterstand bereikte een hoogtepunt -of moeten we zeggen een dieptepunt. In 2018 is niet alleen gekeken hoe de tunnels weer aan de tunnelwet konden voldoen, maar ook naar de samenhang van de afzonderlijke tunnelprojecten. We wilden door synergie een blijvende meerwaarde creëren. Investeren aan de voorkant betekent de vruchten daarvan plukken aan de achterkant.”

Ronald is van mening dat de keuze om het oude nu aan te pakken en te renoveren een verstandige is geweest. “Persoonlijk kijk ik dan ook naar het bestuur van de gemeente Amsterdam dat het beheer en onderhoud weer op de politieke agenda heeft gezet, door zich in te zetten voor renovatie van het oude. Dat eert de stad en is bovendien ook nog eens duurzaam. Het is mooi om te zien hoe alle partijen binnen het programma trots zijn op hun werk en ook constateer ik trots eigenaarschap van het werk bij de medewerkers. Dat geldt voor mij ook, ik ben het liefst op locatie aanwezig met de laarzen in de modder.”     

BIM, Digital Twin en een digitale omgeving toegepast bij gehele Programma Aanpak Wegtunnels Amsterdam

Lees het gehele artikel

TEC, een permanent samenwerkingsverband tussen toonaangevende internationale ingenieursadviseurs Royal HaskoningDHV en Witteveen+Bos, ondersteunt het ontwerpproces en adviseert de gemeente bij het toekomstbestendig maken van de tunnels in Amsterdam. Onder andere door de ontwikkeling van een BIM-omgeving en een Digital Twin, dit doen zij samen met Infranea, specialist in 3D-ontwerp, BIM-diensten en VR-simulaties bij complexe infrastructurele werken.

Van scan naar model naar Digital Twin.

Integrale aanpak van het gehele tunnelareaal

Binnen het programma wordt er integraal gewerkt met verschillende disciplines zoals tunnelveiligheid, brandveiligheid, installaties, bedienings-, controle- en monitoringssystemen. De bijbehorende werkzaamheden worden uitgevoerd tijdens de ontwerp-, realisatie- en inbedrijfsstellingsfase. Het BIM-kernteam, bestaande uit Maarten Visser (TEC/Witteveen+Bos), Roy van Hattem (TEC/Royal HaskoningDHV) en Peter Schakel (Infranea) zorgt niet alleen voor een optimale samenwerking tussen alle betrokken partijen, maar ook dat innovatieve, moderne middelen en technieken binnen alle AWA-projecten worden geïmplementeerd.

Doorsnede in 3D-BIM van de Amsterdam Arena Tunnel.

Uniform toekomstgericht wegtunnelsysteem en verkeerscentrale

Het doel van het AWA-programma is tweeledig: ten eerste het realiseren van veilige en beschikbare wegtunnels die voldoen aan alle eisen. Ten tweede de tunnels toekomstbestendig te maken. Dit bereik je door een generieke aanpak te hanteren en zo uniformiteit te creëren binnen de individuele projecten. Met als resultaat dat alle tunnels straks klaar zijn voor de toekomst: veilig te gebruiken eenvoudig te bedienen en makkelijk te onderhouden.

Daarbij wordt een generieke aanpak gehanteerd om uniformiteit te creëren binnen de individuele projecten op het gebied van bediening en bewaking. Met als resultaat een functioneel, uniform en toekomstgericht wegtunnelsysteem en verkeerscentrale.

Training met de camera validatie tool.

BIM en Digital Twin

Roy van Hattem, BIM-adviseur vanuit TEC en Peter Schakel, Digital Twin expert vanuit Infranea, leggen uit dat er beperkte gegevens vanuit het verleden digitaal beschikbaar zijn van de bestaande tunnels. “Het is dus zaak dat we eerst informatie verzamelen over de bestaande assets en een goed plan maken hoe wij deze projecten procesmatig gaan aanvliegen: eerst denken, dan doen. Aan de hand van de 3D-tunnelscans zijn bestaande tunnels in kaart gebracht. De puntenwolk die als product uit een 3D-tunnelscan komt is als basis gebruikt om de 3D BIM-modellen op te stellen. Met dit startproduct zijn daar vervolgens de ontwerpmodellen aan toegevoegd. Nu werkt de Alliantie (gemeente Amsterdam/Heijmans Infra/Siemens Mobility) van de Piet Heintunnel de modellen voor het definitief en uitvoeringsontwerp verder uit. We werken samen in één digitale omgeving, de samenwerking verloopt goed en de modellen worden conform plan uitgewerkt. BIM is ooit begonnen als randvoorwaarde om een Digital Twin te kunnen maken. Voor ons is het veel meer een kwestie van Bouw Informatie Management: het 3D-model wordt gebruikt om data te koppelen en snel ontwerpaanpassingen in door te voeren. Iedereen werkt met zijn eigen input mee aan het optimaliseren van het BIM-model, die op één centrale plek wordt beheerd, altijd accuraat is en voor alle partijen in alle fasen toegankelijk. Zeker in de huidige tijd met beperkingen die Corona met zich meebrengt, is dat cruciaal.”

De camera validatie tool van de Piet Heintunnel.

Digitalisering van grote meerwaarde

Maarten Visser managet als BIM-manager de gehele integrale aanpak binnen het programma waarin verscheidene teams binnen diverse disciplines werkzaam zijn. “In het programma hebben we meerdere modelleer teams onder leiding van een BIM-coördinator per project. Daarnaast zijn er diverse teams die werken aan de ontwikkeling van de Digital Twin. Het BIM-model dient als basis voor de Digital Twin. Samen hebben ze in hoofdlijnen drie doelen. Als eerste de ontwerpverificatie en -validatie, om te kijken of we het juist en juiste ontworpen hebben. Als tweede testen en proeven; door het inzetten van een Digital Twin kan er al veel getest worden in het digitale traject waarmee we een zo kort mogelijke tunnelsluiting realiseren. En als derde: het ondersteunen bij Opleiden, Trainen en Oefenen (OTO). De software- en hardwaresystemen moeten samenwerken om een veilige situatie te waarborgen. Op basis van de Digital Twin van de tunnel bieden we een zo realistisch mogelijke oefen- en trainingsomgeving.”   

Testdesk met camerabeelden vanuit de Digital Twin.

Digitale omgeving

Een onderdeel van de Digital Twin is de virtuele CCTV cameravalidatie-tool. Hier is het cameraplan van de Piet Heintunnel, gemaakt door de Alliantie, ingeladen. “Zo krijg je een perfect inzicht in de zichtlijnen en of de camera’s op de juiste plekken hangen om de gehele tunnel te kunnen overzien”, legt Peter Schakel uit. “Ook met de Virtual Reality (VR-)bril op kun je dit helemaal beleven.” De digitale omgeving wordt zoals gezegd ook gebruikt voor het opleiden, trainen en oefenen. Binnen het programma is Rik Teuben de testmanager. Hij weet: testen kost geen tijd, het oplossen van bevindingen kost tijd. Doordat TEC en Infranea het softwarematig digitaal testen faciliteren, trek je dat naar voren in het traject, kun je bevindingen al oplossen en bespaar je kosten en tijd, waarmee de doorlooptijd verkort wordt en risico’s voorkomen worden.

“Het is fantastisch te zien hoe we dit tegenwoordig kunnen doen”, zegt Maarten Visser. “De verkeersleider zit op zijn eigen werkplek achter de bediendesk en ziet een beeld uit de digitale omgeving in plaats van een camerabeeld.” Peter Schakel vult aan: “De trainer kan allerlei scenario’s in de simulatie zetten en zo procedures en protocollen oefenen. Het handelen van de verkeersleider vertaalt zich ook in het gedrag van het tunnelsysteem in de digitale omgeving. De trainer kan ad hoc wijzigingen maken in het scenario en nagaan hoe de verkeersleider handelt en met de feedback omgaat. Om dat het zo realistisch is, worden mensen beter getraind en worden ze aantoonbaar vakbekwaam bevonden.” Hiermee is de Digital Twin een integraal onderdeel van het Opleiden, Trainen & Oefenen-programma, opgesteld door Marcel van Wijk, projectleider OTO-programma.

Beheer en onderhoud

“Het toepassen van een Digital Twin van een tunnel is niet eerder gedaan binnen de gemeente Amsterdam. Natuurlijk komt daar veel bij kijken aan afstemming aan de voorkant”, zegt Maarten Visser. “Het is een grote stap. Niet voor iedereen is digitalisering intuïtief”, vult Peter Schakel aan en vervolgt: “Hierin speelt TEC samen met Infranea een belangrijke rol om het laagdrempelig te houden en hierin een fundament te creëren.” Roy van Hattem: “De investering in al deze digitale technieken heeft als doel om voor, tijdens en na de renovatie van de tunnel de impact en hinder te minimaliseren en te controleren, de faalkosten te reduceren en de tunnelafsluiting te verkorten. Daarnaast zijn het waarborgen van de veiligheid, het borgen van kennis, het opleiden en trainen van vakbekwame mensen en de overdracht naar beheer en onderhoud onderdelen van deze aanpak. De Digital Twin kan straks de tunnelbeheerder en zijn aannemers gaan ondersteunen, zowel bij calamiteiten als bij regulier onderhoud. De uniformiteit en herbruikbaarheid van de processen in de Piet Heintunnel, vormen de basis voor de andere tunnels. Dit is een goed referentiekader voor de gemeente. Doordat je hiervan leert, kun je daar verbeteren en dat is pure winst.” Hij besluit: “Dit is niet meer de toekomst, dit is wat we nu doen!”