Platform over civiele techniek & infrastructuur
Wegenbouw & Rail

Project A16 Rotterdam krijgt eerste energieneutrale snelweg inclusief 2,2 km lange tunnel

Artist Impression van een veld met zonnepanelen.

Tekst | Jan Mol

Beeld | De Groene Boog

24 januari 2022 Leestijd 9 minuten

Deel dit artikel

Consortium De Groene Boog garandeert 20 jaar energieneutraliteit

Het gonst van de bedrijvigheid op project A16 Rotterdam. In opdracht van Rijkswaterstaat realiseert consortium De Groene Boog, met daarin de bedrijven BESIX, Dura Vermeer, Van Oord, TBI (Mobilis, Croonwolter&dros), Rebel en John Laing de nieuwe A16 Rotterdam, een 11 kilometer lange rijksweg tussen de A16/A20 bij het Terbregseplein en de A13 bij Rotterdam The Hague Airport. Dit project wordt op alle vlakken gekenmerkt door een hoog innovatief gehalte, zeker als het aankomt op duurzaamheid. In het traject is een 2,2 km lange tunnel inbegrepen, die net zoals de weg zelf energieneutraal zal zijn. We hebben een gesprek met Stefan van der Voorn, contractmanager bij Rijkswaterstaat en Hans Pos (Croonwolter&dros), ontwerper en testmanager bij De Groene Boog.

Zeer energiezuinig ontwerp

Van der Voorn opent het gesprek: “Het energiegebruik van de snelweg, inclusief de Rottemerentunnel, was een EMVI-uitvraag. Rijkswaterstaat ging voor een reductie van 50% in energieverbruik, ten opzichte van een standaard tunnel en weg. De Groene Boog kwam met een ontwerp dat de komende 20 jaar energieneutraal is.” Pos: “We hebben in de tenderfase gekeken naar wat nu echt goede oplossingen zouden zijn. Als je naar de meeste installaties in de Rottemerentunnel kijkt, dan zie je dat deze gevoed worden met DC (gelijkstroom), in plaats van AC (wisselstroom). Daaruit ontstond het innovatieve plan om te werken met een DC-netwerk. Om geen energie te verspillen hebben we in kaart gebracht hoeveel verbruik je hebt in de tunnel, we hebben de vermogensbalans opgemaakt.”

“De energie voor de snelweg en de tunnel wordt opgewekt met zonnepanelen”, vervolgt Van der Voorn. “Het tunnelontwerp is zo energiezuinig, dat dat ook kan. Door te werken met een DC-netwerk, met extra lichte wanden, asfalt met een reflecterende coating en door ledverlichting toe te passen en deze zo te schakelen dat er met minder energie nodig is, wordt het energiegebruik drastisch beperkt. Op dit moment worden er proeven gedaan om te kijken hoe de ledverlichting het beste ingeregeld kan worden, welk beeld dit voor de weggebruikers oplevert en of alles voldoet aan de veiligheidsnormen.” Pos legt uit: “Door alle besparingen bij elkaar op te tellen, hebben we kunnen vaststellen hoeveel kW we nodig hebben, gekoppeld aan een onderzoek of zonnepanelen voor deze stroom kunnen zorgen. Dat bleek het geval. We hebben in dit onderzoek de energieconsumptie van zowel de weg als de tunnel meegenomen, het hele tracé dus.”

Artist Impression van zonnevelden om de oksels van de snelweg bij het Terbregseplein.

Aantoonbaarheidsfase

Ten tijde van dit interview worden er testen uitgevoerd in diverse tunnels, waaronder de Gaasperdammertunnel en de Rijnlandtunnel. Pos: “We zitten in de aantoonbaarheidsfase. Ook bij het COB (centrum ondergronds bouwen) heeft men gekeken naar de verlichting. Daar zijn 13 tickets aangemaakt met mogelijkheden, waarvan we er 9 konden toepassen op de A16 Rotterdam. Collega Dennis Makkus van Croonwolter&dros heeft deze tickets in behandeling genomen en is projectleider geworden van dit onderzoek. Per ticket is er een speciale werkgroep opgericht, aan elk van deze groepen neemt iemand deel van Rijkswaterstaat, De Groene Boog en van een externe expertisepartij.”

Het verschil tussen led en traditionele verlichting

Kijken we naar het 11 km lange tracé, dan gaat het bij de weg om verlichting en wegkantsystemen, in de tunnel (2,2 km), treffen we 54 systemen aan die gevoed moeten worden. “Dat maakt dat de primaire focus op de tunnel ligt”, vertelt Van der Voorn. “Maar, werkelijk alles met een energieconsumptie is meegenomen. De ventilatoren in de tunnel werken wel op wisselstroom, de rest is te voeden met gelijkstroom. Daar zit een enorme winst.”

De omschakeling van traditionele verlichting naar led is echter geen sinecure, is gebleken. Pos legt uit: “Led wordt anders ervaren door het menselijk oog. De lichtbundel is niet diffuus, maar gericht. Dat maakt dat led verlichting al snel als verblindend wordt ervaren. Daarom zijn we aan het onderzoeken hoever we de lichtintensiteit moeten ’terugschroeven’ om nog te voldoen aan de eisen die er aan tunnelverlichting gesteld worden, zonder het menselijk oog te belasten. In onder andere de Gaasperdammertunnel en de Ketheltunnel zijn daarvoor live testen gedaan, met bestuurders binnen verschillende leeftijdsgroepen. Met die gegevens kijken we of het mogelijk is om een addendum te schrijven dat aan de NSVV (Nederlandse Stichting voor Verlichtingskunde) toegevoegd kan worden, of waarmee de NSVV aanpassingen kan doen. Ook wordt er gekeken naar de L20 camera’s, die registreren hoeveel de tunnelmond verlicht moet worden. Daarnaast zoeken we voor de licht-donkerovergang van de tunnelmonden naar een overgang met lamellen die daglicht doorlaten, dat kost helemaal geen energie. Met de tickets van het COB kijken we waar de verlichting verbeterd en energiezuiniger kan worden.”

Nog één grote wens…

Het concept van de tunnel past volledig binnen de Landelijke Tunnelstandaard. “Daarin gaat het met name over beschikbaarheid en veiligheid. Wij hebben daar duurzaamheid aan toegevoegd”, zegt Van der Voorn. “Er ligt straks een mooie blauwdruk klaar waar nieuwe tunnelprojecten mee kunnen werken. Een belangrijk leerpunt in dit hele proces is dat je al in de planfase alle aandacht moet hebben voor de vraag waar de stroom vandaan moet komen, hoe ga je die energie opwekken. Dan had die locatie in het tracébesluit meegenomen kunnen worden.”

Er blijft nog één grote wens over in het hele plan: energieopslag. “De zonnepanelen geven de energie straks terug aan het net, terwijl we heel graag direct gebruik willen maken van de opgewekte energie. Omdat te kunnen doen moet de energie opgeslagen worden, op relevante locaties bij de weg en de tunnel. Je moet daar geschikte plekken voor vinden van zo’n 10 m2. Het idee laat ons niet los en we hebben ons erin vastgebeten. Wie weet lukt het ons om het voor elkaar te krijgen, dat zou de kers op de taart zijn”, zegt Van der Voorn tot besluit.     

Nieuwsbrief

Meld u aan om nieuws & updates te ontvangen.

Contact

Wouter Jansen

Projectmanager

Uw organisatie promoten via het Grond/Weg/Waterbouw netwerk? Ik help u graag verder.

0%