Verduurzaming van het assetmanagement: simpele exercitie of breinbreker?

Levensduurverlenging en hergebruik zijn veelgebruikte termen die nu worden gebruikt bij het vormgeven van de verduurzaming van het assetmanagement in de grond-, weg- en waterbouw. Uit oogpunt van kostenbesparing, efficiënt grondstofgebruik en afvalreductie lijken dit voor de hand liggende oplossingsrichtingen. De vraag is echter of je daarmee als opdrachtgever de eigen klimaatdoelstellingen haalt, in 2050 wel voldoende circulair bent en of de gemaakte keuzes ook daadwerkelijk resulteren in een verlaging van de eigen milieu-footprint?

Opdrachtgevers, adviseurs, maar ook marktpartijen, zijn zoekende. De vertaalslag van beleid naar praktijk binnen de gww lijkt zich vooral te richten op innovatie, standaardisatie en op ‘nieuwe producten’ waarvan de levensduur vaak nog moet worden geschat en de milieubelasting nog onvoldoende kan worden onderbouwd, en daarmee nog onvoldoende basis biedt voor een goede levensduurkostenberekening. Anderzijds gaat het ‘verduurzamen’ van bestaande materialen, zoals beton, (te) langzaam en zijn de mogelijkheden voor het verhogen van het aandeel gerecycled materiaal eindig. Houtproducten daarentegen hebben eigenschappen die direct invulling kunnen geven aan verduurzaming: hout uit duurzaam beheerde bossen is hernieuwbaar, biobased, hoogwaardig recyclebaar én circulair inzetbaar.  Daarnaast is er decennia lange ervaring met houttoepassingen zoals bruggen, damwanden en sluisdeuren.

Klimaat-duurzaam
Het materiaal hout is bijzonder: het is in een periode van tachtig tot honderd jaar weer nagroeibaar. Hout is daarmee bij uitstek een hernieuwbare grondstof. Voorwaarde is dat het hout afkomstig is uit duurzaam beheerde bossen (FSC of PEFC). Duurzaam geproduceerd (hard)hout draagt direct bij aan het tegengaan van ontbossing, is in tegenstelling tot de meeste andere gww-materialen volledig traceerbaar en in Nederland ruim voorhanden voor toepassing in grond-, weg- en waterbouw. Naast Azobé zijn er vele andere geschikte houtsoorten met hoge duurzaamheids- (1 en/of 2) en sterkteklassen (D40, D50, D70,…).  Zo zijn bijvoorbeeld houtsoorten als Angelim Vermelho, Okan, Tali, Cumaru en Massaranduba verkrijgbaar met een duurzaamheidscertificaat dat voldoet aan de duurzaam inkopeneisen van de overheid. Aan het einde van de levensduur, desgewenst na één of meerdere keren recycling, wordt hout weer op natuurlijke wijze opgenomen in de natuur doordat het biologisch afbreekbaar is. Meestal wordt er bij ‘end-of-life’ gekozen voor thermische verwerking voor energieterugwinning. De verbranding  van hout is nagenoeg CO2-neutraal want er komt slechts de zelfde hoeveelheid CO2 vrij die eerder door de boom werd opgenomen uit de atmosfeer. Houttoepassingen dragen bij aan het beperken van de klimaatverandering omdat ze grote hoeveelheden CO2 bufferen.

Damwandplanken

Milieu-duurzaam
Onderhoud en levensduur worden vaak gebruikt als argument voor materiaalkeuzes richting verduurzaming van het assetmanagement. Onderzoek van RvO (Beco,2013) naar de milieu-impact van (voetgangers- en fiets)bruggen toonde echter aan dat een fiets- en voetgangersbrug van hout veruit het meest milieuvriendelijke product is in vergelijking met beton, staal en vezelversterkt kunststof. Ook houten damwanden blijken in dit opzicht een voorsprong te hebben op vergelijkbare damwanden van kunststof, evenals op damwanden op basis van gerecycled kunststof (Ernst&Young, 2016). Die uitkomsten blijkt voor veel opdrachtgevers en adviseurs een eyeopener, omdat er toch vaak vanuit wordt gegaan dat een lange levensduur gelijk staat aan ‘milieuvriendelijker’.

Uit onderzoek in opdracht van de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RvO) (‘Vergelijkende LCA studie bruggen – vaststellen van duurzaamheidscore van bruggen uitgevoerd in staal, beton, composiet en hout’, BECO, 2013)  blijkt de houten fietsbrug het best te scoren op milieugebied: staal is 25 keer meer milieubelastend, beton bijna 40 keer en kunststofcomposiet is zelfs bijna 75 keer meer belastend voor het milieu dan de houten fietsbrug. Hout scoort ook veruit het gunstigst op het milieueffect CO2-uitstoot (Global Warming Potential).

Grondstof-duurzaam
Kiezen voor verduurzaming betekent ook heldere keuzes maken. Gemeente Westervoort deed dat bijvoorbeeld al in samenwerking met architectenbureau Arc2 en Meerdink Bruggen te Winterswijk. Uitgangspunt was het ontwikkelen van een milieuvriendelijk, duurzaam en eigentijds brugconcept. Dit resulteerde in een heldere keuze voor het gebruik van hardhout. Er werd in dit vooruitstrevende project  specifiek gekozen voor hout uit bestaande gww-toepassingen zoals oude hardhouten brugdelen, damwandplanken, sluisdeuren en meerpalen. Er werd daarbij gewerkt vanuit het principe van ‘urban-mining’, dus uitsluitend afkomstig uit eigen gemeente. Het verzamelde hout wordt ijzervrij gemaakt, herzaagd, schoongemaakt en samengesteld tot volle wandliggers, bijeen gehouden door stalen stiften. Tussen de liggers komt vanzelfsprekend ook een houten brugdek. Zij tonen daarmee aan dat hout uitstekend past in de circulaire economie. Doordat het bewerken van hout weinig energie vraagt is het concept uit milieuoogpunt ook nog eens extra aantrekkelijk.

Wilt u zelf berekenen hoeveel CO2 u in uw project vastlegt door te kiezen voor hout?
Ga dan naar www.opslagCO2inhout.nl.

Voor meer informatie over technische en milieuaspecten van hout, houttoepassingen, bestekteksten, lunchlezingen op locatie en genoemde rapporten: www.houtindegww.nl of helpdesk@houtindegww.nl.

Tekst en beeld: Centrum Hout